|
Over de Tekst
back to top
|
historische noten: Een reconstructie door Diavolo
DEEL I
1. Van Droomschip tot Nachtmerrie
Wanneer de Titanic vertrok op haar eerste reis, haar maiden voyage, van Southampton naar New York op 10 april 1912, was ze niet alleen het grootste passagiersschip ooit, maar had ze ook de meest geavanceerde culinaire faciliteiten aan boord.
In drie grote paleizen werkte een staf van 96 man de klok rond, om er de ongeveer 6.000 maaltijden per dag te bereiden. Voor de passagiers waren de maaltijden dan ook de hoogtepunten van de dag.
Het grootste schip ter wereld, onzinkbaar geacht, botste tijdens haar eerste reis op een ijsberg en zonk. Vele beroemdheden uit die tijd kwamen in deze ramp om, alsook honderden immigranten die hoopten op een nieuwe start in de Nieuwe Wereld. De eerste les van de twintigste eeuw begon.
Het verhaal van de Titanic is zo boeiend, omdat ze niet alleen een schip was, ze was ook een symbool. In 1912 was er reeds 100 jaar vrede, en een eeuw van verbazingwekkende industriële vooruitgang. De ramp met de Titanic brak dit alles aan diggelen. Mensen die die periode meegemaakt hebben, beschouwden de Titanic ramp dan ook vaak als het begin van de verandering, en het einde van een tijdperk.
Die periode ligt u ver achter ons, toch blijft de Titanic ons boeien, en vragen we ons af waarom? Is het omdat ze op haar eerste reis verging? Dat is wel vaker met een schip gebeurd. Of omdat ze zo groot en luxueus was?
Of omdat er zoveel mensen bij de ramp omkwamen? De periode tussen de eeuwwisseling en de eerste wereldoorlog is vol met scheepsrampen die duizend of meer slachtoffers eisten.
Dat de Titanic nog steeds mensen boeit, ligt waarschijnlijk aan het sterk tot de verbeelding sprekende beeld dat opgeroepen wordt door dit grote schip dat zonk in de nacht. Men kan op zoveel manieren geïnteresseerd zijn in de Titanic, er is voor elke smaak wel iets: het drama dat zich langzaam ontvouwt op het zinkende schip, het menselijk gedrag in bijzondere situaties, de mikrokosmos van de Edwardiaanse wereld met zn strikte klasseverschillen, zn obsessie voor de etiquette, en onvermijdelijk zn liefde voor lekker eten.
Of eenvoudigweg, terecht of niet, iets willen herbeleven van de goede oude tijd.
In elk geval is de belangstelling voor de Titanic onzinkbaarder dan haar bouwers, eigenaren en opvarenden ooit hebben kunnen vermoeden.
Het reproduceren van het heerlijk tafelen aan boord van de Titanic, is een van de beste manieren om die vergane tijd van luxe en vrije tijd opnieuw te beleven.
Met Last Dinner on the Titanic" geeft het Diavolo Chamber Orchestra een levende historische recreatie voor diegenen die graag lekker eten en houden van die typische en charmante muziek van weleer: een mengeling van opera, ouverture, fantasie, wals over Music Hall tot de laatste hit van de toenmalige populaire muziek. Dit alles lekker gekruid met een beetje ragtime en cake-walk. Negentig jaar nadat ze zonk, betovert de Titanic ons nog steeds.Als een van de eerste oceaanschepen dat van voedsel een prioriteit maakte, wat afgeleid kan worden uit de enorme proviandlijsten, bezat de Titanic een ongezien grote bergingsruimte. Die bestond uit drie verschillende koelkasten voor elk type van voedsel dat aan bederf onderhevig was, zoals vlees, vis, fruit, groenten en eieren. Verder waren er nog afzonderlijke koele bergingen voor wijn, en alcoholische dranken.
Zoals men hield van lekker en uitgebreid eten, zo hield men ook van drinken. De Titanic had dan ook een zeer grote en uitgelezen keuze van wijnen en champagnes. Een schrijver vertelt dan ook dat er 70 verschillende champagnemerken aan boord waren, 54 verschillende Bordeaux wijnen en 48 soorten Bourgogne, Moezel en Italiaanse wijnen. Helaas is er tot nog toe geen enkele wijnlijst boven water gekomen.
De proviandruimten van de Titanic bevatten o.m. 10.000 pond granen, 5 ton suiker, 800 bundels verse asperges en 1.390 kg oesters.
Rond 7u s morgens werd voor de eersteklas passagiers in hun slaapvertrekken koffie en thee geserveerd, alsook vers fruit en vers gebakken broodjes met jam en marmelade. Rond 8u rinkelde de ontbijtbel. Een Edwardiaans ontbijt was een enorme maaltijd dat bestond uit schelvis, gevolgd door gegrild vlees (steaks, koteletten en worsten).
Daarna kwamen de gepocheerde eieren, en als slot, om de indigestie compleet te maken, aan het spit geroosterde kip en houtsnip.
Zelfs in de tweede klas was het ontbijt bijna net zo overdadig, en ook in de derde klas mocht men zeker niet klagen.
Passagiers die na de lunch nog iets wilden nuttigen, konden terecht in het Verandah Café, waarvan er één was langs elke kant van het dek, juist achter de rookzaal. Met het Verandah Café wou men de illusie wekken van een veranda in open lucht, in een eigenlijk gesloten ruimte.
Men kon ook terecht in het Café Parisien, waar de sfeer beoogd werd van een café op een Parijse Boulevard, waar men koffie of een aperitief dronk, of een kleine honger stilde met een sandwich van het buffet, terwijl flarden muziek te horen waren van het strijktrio dat in de eersteklas ontvangkamer aan het spelen was.
|
| In approaching a dinner-table, the ladies should always be permitted to seat themselves first; as to the particular part of the table that is always arranged by the host or his lady, whom in this respect you must always be solicitous to obey.
For my part, I like the French plan, of pinning the name of the guest to a napkin, which prevents all confusion.
from The Etiquette of Politeness
|
2. Over eten gesproken
Er waren verschillende eetgelegenheden aan boord van de Titanic, waarvan de belangrijkste de Ritz en het Eersteklas Restaurant waren.
Rond 11 u s avonds waren de obers en de assistenten klaar met het opruimen en met alles klaar te zetten voor het ontbijt. Daarna genoten ze van enkele uren rust.
Maar voor sommigen begon het werk opnieuw. De nachtbakker Walter Belford was reeds bezig brood en koeken te bakken voor het ontbijt. De sauciers begonnen met het maken van hun uitgebreide sauzen die elke maaltijd moest verrijken. Terwijl het merendeel van de 80 chefs en hun assistenten, alsook het keukenpersoneel van 36 man begonnen aan hun taak, lagen de passagiers nog vast te slapen!
Er was enorm veel personeel nodig voor het klaarmaken van de maaltijden van de 2.223 passagiers aan boord. In een tijd waar de technologie nog in zijn kinderschoenen stond, was er zeer veel manueel werk te verrichten. Men mag gerust stellen dat er evenveel personeel als passagiers waren zowel in de eerste als in de tweede klasse. En dat het merendeel ervan zich bezighield met het klaarmaken of serveren van de maaltijden. Buiten de kapitein, waren de belangrijkste functies die van hoofdmachinist en die van de chef-kok.
De planning en het klaarmaken van de drie dagelijkse hoofdmaaltijden, alsook de hapjes en de lichtere tussenmaaltijden vereiste een uitgebreide bereiding vooraf, en natuurlijk ook een perfekte timing.
Als een van de eerste oceaanschepen dat van voedsel een prioriteit maakte, wat afgeleid kan worden uit de enorme proviandlijsten, bezat de Titanic een ongezien grote bergingsruimte. Die bestond uit drie verschillende koelkasten voor elk type van voedsel dat aan bederf onderhevig was, zoals vlees, vis, fruit, groenten en eieren. Verder waren er nog afzonderlijke koele bergingen voor wijn, en alcoholische dranken.
Zoals men hield van lekker en uitgebreid eten, zo hield men ook van drinken. De Titanic had dan ook een zeer grote en uitgelezen keuze van wijnen en champagnes. Een schrijver vertelt dan ook dat er 70 verschillende champagnemerken aan boord waren, 54 verschillende Bordeaux wijnen en 48 soorten Bourgogne, Moezel en Italiaanse wijnen. Helaas is er tot nog toe geen enkele wijnlijst boven water gekomen.
De proviandruimten van de Titanic bevatten o.m. 10.000 pond granen, 5 ton suiker, 800 bundels verse asperges en 1.390 kg oesters.
Rond 7u s morgens werd voor de eersteklas passagiers in hun slaapvertrekken koffie en thee geserveerd, alsook vers fruit en vers gebakken broodjes met jam en marmelade. Rond 8u rinkelde de ontbijtbel. Een Edwardiaans ontbijt was een enorme maaltijd dat bestond uit schelvis, gevolgd door gegrild vlees (steaks, koteletten en worsten).
Daarna kwamen de gepocheerde eieren, en als slot, om de indigestie compleet te maken, aan het spit geroosterde kip en houtsnip.
Zelfs in de tweede klas was het ontbijt bijna net zo overdadig, en ook in de derde klas mocht men zeker niet klagen.
Passagiers die na de lunch nog iets wilden nuttigen, konden terecht in het Verandah Café, waarvan er één was langs elke kant van het dek, juist achter de rookzaal. Met het Verandah Café wou men de illusie wekken van een veranda in open lucht, in een eigenlijk gesloten ruimte.
Men kon ook terecht in het Café Parisien, waar de sfeer beoogd werd van een café op een Parijse Boulevard, waar men koffie of een aperitief dronk, of een kleine honger stilde met een sandwich van het buffet, terwijl flarden muziek te horen waren van het strijktrio dat in de eersteklas ontvangkamer aan het spelen was.
back to top
|
|
As a general rule, it is well not to interrupt those who are talking to you and if you feel yourself obliged to contradict, do so with the utmost modesty.
from The Etiquette of Politeness
back to top
|
3. Over het laatste diner aan boord van de Titanic
Wat een diner was het op 14 april 1912. Het beste tot nog toe!
Chef Proctor en zn manschappen waren zich te buiten gegaan aan een elfgangen menu, dat zelfs de moderne restaurantgangers naar adem zou doen snakken.
De maaltijd begon met hors-doeuvre variés, oesters à la Russe of Canapés à lAmiral, gevolgd door een consommé Olga of een Cream of Barley Soup. Trouw aan de Edwardiaanse mode en beïnvloed door de ingewikkelde en hevig gesausde spijzen, geperfectioneerd door de Franse chef-kok Auguste Escoffier, werden veel van de gerechten verrijkt en beter gemaakt met garnituren en sauzen met een hoog vetgehalte.
Eén van de fascinerende vernieuwingen op het menu was de invoering van de Punch Romaine, een alcoholisch sorbet, om als het ware het verhemelte even op te frissen! Dit Escoffier-brouwsel werd in dessertcoupes geserveerd als zesde gang van het menu, na de keuze van lam, jonge eend of runderlendestuk en voor de zevende gang, in dit geval geroosterde duif met waterkers.
Elke gang werd geserveerd door obers die met zilveren dienbladen rondgingen en ook de aangepaste wijnen inschonken.
Het menu is duidelijk gebaseerd op het klassieke veelgangenmenu dat zich in de 19e eeuw in Frankrijk ontwikkelde en dat door de Franse chef Auguste Escoffier verfijnd en ook een beetje vereenvoudigd werd.
Escoffier zou nooit een maaltijd zijn begonnen met hors-doeuvres variés, een onsamenhangend allegaartje van ondermeer gepikkelde hapjes, meestal geserveerd vanop een wagentje. Die zouden met hun scherpe smaak de spijzen de erna komen, teniet doen. Rauwe oesters daarentegen vormen het ideale begin van een veelgangenmenu. Verder werd er geen enkel vleesgerecht gepresenteerd zonder zn individueel garnituur.
Wat de tussengangen betreft, komen die in de buurt van vlees, - aardappel- en groenteschotels die als hoofdschotel werden geserveerd van een meer middenklas menu. Ongetwijfeld reflecteerden deze kleine vulgarisaties het minder ontwikkelde palet van het Anglo-Amerikaanse publiek. Maar buiten deze muggenzifterij was het laatste maal een schitterend en overvloedig feest.
Op het laatste diner van 14 april waren er elf afzonderlijke gangen.
We kunnen ons terecht afvragen hoeveel de mensen wel degelijk aten van zon marathonmenu. We weten dat de Edwardiaanse upper-class regelmatig plaats nam aan zulke uitgebreide en tijdrovende maaltijden. Als het Titanic menu onze moderne magen zo afschrikt, is het omdat het werkelijk ook zo indrukwekkend is..
Na het diner serveerden de obers koffie, wat in Frankrijk de standaard drank was na een maaltijd. Er werd zowel doorloopkoffie als de sterkere Turkse Koffie opgediend. Bij de koffie hoorden natuurlijk de sigaren, de port en de diverse likeuren. Soms werd de likeur rechtstreeks in de koffie gegoten. Dit verklaart waarom de koffiekopjes maar voor 3/4 werden gevuld.
|
Always use the napkin before drinking wine and, if you are intent upon the latter with a lady opposite you, desire the gentleman next to her to fill her glass with simply "May I trouble you?"
from The Etiquette of Politeness
|
4. De Eersteklas eetzaal en de Eersteklas ontvangstkamer
Dit waren de mooiste locaties van het schip. Nadat men de grote trappenzaal afdaalde, kwam men langs de ruime eersteklas ontvangkamer de eersteklas eetzaal binnen gewandeld. Als men de deuren van de eetzaal nog niet openzette, was dat om de prachtige tapijten te bewonderen terwijl men luisterde naar de prachtige klanken van het Titanic orkest, dat rond de vleugelpiano musiceerde.
Wanneer men de eetzaal binnenkwam, was de eerste indruk overweldigend. Dankzij de ongewone opstelling - de tafels waren gezet voor twee, vier, zes, en acht personen, en het warm eiken meubilair - straalde deze ruimte een aangename gezelligheid uit.
Van de twee bewaard gebleven menus is er één van de eersteklas eetzaal. Dit maakt het ons mogelijk deze somptueuze maaltijd te recreëren dat gegeten werd door sommige gerenommeerde passagiers zoals John Jacob Astor, Benjamin Guggenheim, Isida en John StrauB, de onzinkbare Molly Brown, en vele anderen. Het menu is duidelijk gebaseerd op het klassieke veelgangenmenu dat zich in de 19e eeuw in Frankrijk ontwikkelde en dat door de Franse chef Auguste Escoffier verfijnd en ook een beetje vereenvoudigd werd.
Na het diner bezochten de eersteklas passagiers de eersteklas ontvangkamer, die gelegen was naast het à la carte restaurant. Daar dronk men koffie met een hartverwarmende drank of port, terwijl men naar het orkest luisterde dat licht klassieke muziek speelde. Daarna werden naar Victoriaanse en Edwardiaanse gewoonte de mannen en de vrouwen gescheiden. Mannen gingen naar het rooksalon, en de vrouwen bleven in de eersteklas ontvangkamer waar ze koffie dronken.
back to top
|
|
Music very often comes after tea, when you must be ready to turn over the leaves of the music-book
You must do this without:
- scrubbing your coat against the lady's cheek,
- knocking out her combs,
- smashing the candles,
- or cutting her finger-ends off, by leaning on the lid of the piano, and forcing it down with a crash!
You smile - but these things are often done, nevertheless!
from The Etiquette of Politeness
back to top.
|
5. Het Ritz Restaurant
Als de Titanic stond voor het schip met de meest luxueuze manier van reizen, dan stond de Ritz voor het meest luxueuze kader waar de superrijken tète-à-tète dineerden, met delicatessen die nog buitengewoner en exclusiever waren dan in de eersteklas eetzaal.
Alles werd in het werk gesteld om de continentale elegantie op te roepen van de chique hotel-restaurants in Londen of Parijs. Voorbeelden daarvan zijn de intieme verlichting, de Franse walnoten lambrizering en meubilair, het Louis-XVI design en de delicate Rose du Barri schakering van het diepe fluweel van het Axminster tapijt.
Het à la carte restaurant imiteerde de modieuze, extreem populaire Ritz-Carlton restaurants, die ook op de Hamburg-Amerika Line bestonden, en waar Escoffier de culinaire standaard bepaalde en waar de staf opgeleid was door César Ritz zelf.
Het restaurant was geopend van 8u s morgens tot 11u s avonds en het menu wisselde er elke dag, om zo tegemoet te komen aan elke aristocratische smaak. De passagiers betaalden hier hun maaltijden afzonderlijk, en dit in tegenstelling tot de eersteklas eetzaal, en kregen zo een vermindering aan het einde van hun reis. Sommige overlevenden bevestigden dat het juist daarom zo populair was.
Het menu van het à la carte restaurant was enorm uitgebreid en bestond uit zeer complexe schotels. Helaas nam niemand van de overlevenden die die avond in de Ritz at een copie mee van het menu, zodat we alleen maar kunnen veronderstellen wat er op het menu stond. Ongetwijfeld was het diner in de Ritz even overvloedig als in de eersteklas eetzaal. Wel zullen velen een minder aantal gangen gekozen hebben, in overeenstemming met hun eetlust en smaak.
|
|
DEEL 2
1. Over de muziek gesproken
Aan boord van de Titanic waren twee ensembles actief: een orkest van vijf man en een trio, naargelang de plaats waar ze moesten spelen.
Wanneer de passagiers zich verzamelden in de eersteklas ontvangkamer en nipten van hun aperitief, onthaalde het kwintet hen op een serenade van licht klassieke muziek.
Wanneer het diner begon, haastte de groep, die onder leiding stond van de violist Wallace Hartley, zich naar de eersteklas eetzaal, waar ze zorgden voor de aangepaste achtergrondmuziek.
Na het diner vond men dezelfde muzikanten terug in de eersteklas ontvangkamer, waar de gasten konden genieten van een heerlijk concert, dat volgens een passagier eindigde met stukken uit Offenbachs Les contes dHoffmann.
Het trio dat bestond uit viool, cello en piano speelde op de plaats waar de ontvangkamer grensde aan het à la carte restaurant en het Café Parisien. Het exacte programma dat de muzikanten die avond speelden kennen we niet, maar we kunnen er ons een goed beeld van vormen dankzij de muziekboeken van de White Star Line. Het repertoire ging van operastukken (vooral Franse en Italiaanse, maar ook stukken uit Tannhäuser van Wagner) over operette en komische opera tot de meer populaire songs en walsen uit de Britse Music Halls en muzikale komedies. De muzikanten waren ook vertrouwd met de meer jazzy ritmen van de Amerikaanse ragtime, dat toen nog maar net zn weg had gevonden naar de andere kant van de oceaan.
Dat de muziek die op de Titanic werd gespeeld nog steeds in de belangstelling staat en nog steeds wordt uitgevoerd, terwijl veel van de betere muziek van die tijd in de vergeethoek is geraakt, is niet alleen te danken aan het heroïsme van de muzikanten, maar ook aan de emotionele kracht die van deze muziek uitgaat.
Het Edwardiaanse publiek hield van een brede waaier van muzikale stijlen die geen grenzen kende. Belangrijk was dat die muziek op het juiste moment en op de juiste plaats gespeeld werd, en zeker de conversatie niet stoorde. Goede manieren, daar was het om te doen. Men stoorde nooit de rust van de anderen.
Muziek nam een zeer belangrijke plaats in op de Britse eilanden, gaande van opera, symfonische concerten, brass band wedstrijden of ruige en gewaagde music hall songs, tot fatsoenlijke salonballades. Geen enkel huis was compleet zonder een piano in de woonkamer. Jongen mannen namen hun banjos mee naar feestjes, terwijl de jonge meisjes met een muziekboek onder de arm hoopten een man voor zich te winnen door het zingen van een sentimenteel liedje. Er was veel minder dan nu het geval is, een onderscheid tussen intellectueel en alledaags. Orgeldraaiers speelden Brahms, Bizet en Wagner. Sir Edward Elgar schreef populaire walsen. Klassiek opgeleide musici schreven en speelden voor luchtige muzikale komedies.
Het was de gouden tijd voor de muziek in Groot-Brittanië. veel van de muziek was uiteraard Engels, maar de Amerikaanse ragtime deed zn intrede. Met de komst van de jazz was het gedaan met de Engelse overheersing in de populaire muziek. Deze muziek moest zo gemaakt zijn dat er een aangename melodie klonk boven een rijke harmonie. Ze zorgde voor de sfeer en werd meestal uitgevoerd door een strijktrio dat speelde van achter een palmboom... Vandaar de naam Palm Court Music. Het maakte deel uit van het decor van een hotel, tea-room of oceaanstomer. Zingen hoorde er niet bij en dansen werd eveneens ontmoedigd. Goede manieren, weet je wel!
Elk stuk uit de enorme bibliotheek (in de White Star Line muziekrepertoire boeken komen meer dan 350 muziekstukken voor!), moest uit het hoofd geleerd worden en gekend zijn op nummer. Vandaar dat muziekstukken nu nog altijd nummers genoemd worden. Natuurlijk moesten de muzikanten ook verzoeknummers spelen.
Sommige muzikanten gingen al spelend van tafel tot tafel om zo een fooi te krijgen, terwijl het eigenlijk door het reglement van de White Star Line verboden werd. De musici van de Titanic hadden allemaal een soliede klassieke opleiding en doorliepen een harde leerschool, zowel in theater en music hall orkesten als in de grote hotels en cafès.
back to top
|
| back to top |
2. Heren, ieder voor zich
Het doorspelen van het orkest is een van de meest tot de verbeelding sprekende gebeurtenissen van de Titanic ramp. Maar in feite is over het laatste optreden van de muzikanten maar erg weinig bekend. Alle muzikanten zijn omgekomen, dus moet afgegaan worden op de soms vage verklaringen van overlevenden.
Niemand kon bijvoorbeeld zeggen of alle muzikanten tesamen hadden gespeeld of niet. Het ligt voor de hand dat ze tegelijk gewaarschuwd werden en alle acht gezamelijk met hun instrumenten naar boven vertrokken. Vierde stuurman Boxhall zag het orkest kort na de aanvaring staan spelen in de eerste klas. Volgens hem speelden ze toen Alexanders Ragtime Band. Even later, om kwart over twaalf, zag eerste klas passagier Jack Thayer ze daar ook spelen en het viel hem op dat ze in hun gewone blauwe uniformen stonden te spelen, alsof er niets aan de hand was. De passagiers liepen daar druk heen en weer zonder veel aandacht aan hen te besteden. De licht klassieke muziek en operette deuntjes hadden plaats gemaakt voor een populairder genre, waaronder heel wat ragtime.
Toen de meeste passagiers de lounge verlieten en naar het bootdek gingen, posteerden de muzikanten zich in de eersteklas entree, boven aan de grote trap op het bootdek. Nadat de passagiers ook dit punt gepasseerd waren, verplaatste het ensemble zich naar het bootdek, vlak voor de ingang van de eersteklas aan bakboord. Of toen alle muzikanten nog meespeelden, is niet bekend. Twee van hen, Percy Taylor en Theodor Brailey, waren als pianist aan boord. Ongetwijfeld konden die ook andere instrumenten bespelen. Percy Taylor stond bijvoorbeeld ook te boek als violist, maar of hij ook een viool bij had weet niemand.
In de lounge stond een concertvleugel en in de eersteklas ingang op het bootdek een piano die gebruikt werd toen het orkest verder speelde. Maar er zal geen piano op het bootdek gesleept zijn. Of de twee pianisten op het bootdek afhaakten of een ander instrument namen, blijft een raadsel.
Hoelang de muzikanten doorspeelden is ook niet erg duidelijk. Aangenomen wordt dat het orkest tot het laatste toe doorspeelde. Edward Brown, die tot het einde druk in de weer was met de twee opvouwbare boten aan stuurboord, vertelde: Ik kan me niet herinneren dat ik ze hoorde stoppen.
Marconist Harold Bride was op het oficiersverblijf bezig boot 13 naar beneden te krijgen en hoorde ze al die tijd nog spelen. Net als dienaar Thomas Ranger, die pas aan dek verscheen toen hij geen reddingsboot meer zag.
Daar staan de verklaringen van eersteklas passagiers kolonel Gracie en de heer Alexander H. Barkworth tegenover. Een halfuur voordat het schip definitief zond, zag Gracie dat de muzikanten hun instrumenten neerlegden. Even later zag Barkworth op die plek wel de instrumenten liggen, maar van de muzikanten geen spoor.
Als dit inderdaad zo was, kunnen we ons terecht afvragen wat hen deed ophouden en hun instrumenten neerleggen. De reden hiervoor kan heel eenvoudig zijn. Ze zouden even kunnen gestopt zijn om in hun cabine hun reddingsvesten te gaan aantrekken.
|
|
3. Songe dAutomne of Nearer my God to Thee
Het orkest dat Nearer my God to Thee zou hebben gespeeld, wordt altijd aan de ondergang van de Titanic verbonden. Veel mensen geloven dat nog altijd en veel overlevenden hebben tot hun dood volgehouden dat dat het laatste was wat het orkest speelde.
Bij nadere beschouwing blijkt dat die overlevenden allemaal al lang niet meer aan boord waren op het moment dat het orkest het gespeeld zou hebben. Ze zaten in een van de reddingsboten, op een paar honderd meter afstand. Mevrouw Charlotte Collyer, in boot 14, schreef kort na de ramp over het orkest: Ze speelden vrolijke melodiën, ragtime, en hielden het vol tot het bittere einde. Een eind verder in haar verslag vertelt ze dan plots: De band speelde Nader mijn God tot U, ik kon het duidelijk horen., maar boot 14 bevond zich op dat moment op ruim een mijl (1,8 km) van de Titanic!
Van de overlevenden die wel tot het laatste aan boord waren, is er niet één die zich die plechtige klanken herinnert. Het verhaal dook onmiddellijk op toen de geredden in New York aankwamen en de op sensatie beluste journalisten zich op de overlevenden stortten. De psalm werd daarna wekenlang in bijna alle kerken en bij alle herdenkingsplechtigheden gespeeld, tot je er ziek van werd. zoals een oud collega van de orkestleider Wallace Hartley later zei.
Eén krant deed niet mee aan de hysterie, de New York Times. Niet dat de krant het geen pakkend verhaal vond, maar omdat het dacht een beter verhaal te hebben. De hoofdredacteur had door zijn eigen relatie met Guglielmo Marconi zelf, een interview weten te krijgen met marconist Harold Bride, zodra die in NY aankwam. In dat interview vertelde Bride driemaal terloops, dat hij vlak voor het einde, het orkest Autumn had horen spelen. De krant nam onmiddellijk aan dat het ging om het laatste stuk dat er gespeeld was, en dat dat het weinig bekende loflied Autumn was. Zonder Bride daarover te raadplegen, drukte de krant een verhaal af dat geheel gewijd was aan deze veronderstelling. Bij het artikel werd dramatisch de tekst en de muziek van het loflied geplaatst. Andere Amerikaanse kranten namen het verhaal over omdat Bride tot op het laatst op het schip was en als een getraind waarnemer en een autoriteit werd beschouwd.
De uitvoering van het loflied Autumn werd daardoor als het laatste optreden van de acht muzikanten beschouwd.
Maar er werden ook andere, even plechtige of toepasselijke muziekstukken genoemd door mensen die beslist niet op sensatie uit waren. Eersteklas passagier Washington Dodge heeft altijd volgehouden dat het laatste stuk het gezang Leidt Vriendelijk Licht was. En mevrouw Edwina McKinzy heeft zich tot haar dood in 1984, heel duidelijk de tonen van Victor Herberts populaire musicaldeuntje Oh Sweet Mysterie of Life herinnerd. Toch bleef het Nader mijn God tot U het gezang dat altijd het hardnekkigst in mindere publicaties genoemd bleef, terwijl Autumn meer door schrijvers van formaat en historici naar voren werd geschoven.
Maar het eerste teken dat Autumn net zo min kon kloppen als de rest, was al in de Daily Telegraph van 19 april 1912 te lezen. De krant noemde Autumn geen gezang of loflied maar een ragtime tune. Als geestelijk lied was Autumn in 1912 nauwelijks gekend, het werd in 1916 zelf uit de gezangboekjes verwijderd. Bovendien zijn lofliederen meestal niet bekend onder hun titel, maar met de woorden van hun eerste regel. De psalm Nader mijn God tot U kent verschillende versies, twee alleen al in Engeland en die weer anders dan de Amerikaanse.
De verschillende nationaliteiten aan boord van de Titanic en in de reddingsboten zouden waarschijnlijk alleen de hun bekende versie hebben herkend. Kolonel Gracie, die tot het laatst aan boord was, zei later: Als Nader mijn God tot U zou zijn gespeeld, zou mij dat zeker zijn opgevallen en ik zou het hebben beschouwd als een tactloze waarschuwing voor de onafwendbare dood, hetgeen onvermijdelijk tot paniek zou leiden, terwijl onze hele inzet er juist op gericht was die te voorkomen...
Brides Autumn is in de eerste plaats niet noodzakelijk het allerlaatste wat het orkest speelde. Hij noemde het als laatste nummer wat hij zelf hoorde. In de tweede plaats had hij het over een populair wijsje uit die tijd. In Engeland was Songe dAutomne een geliefde wals die veel in hotels, tea-rooms en cafés gespeeld werd. De bekende Engelse dansorkestleider Archibald Joyce, alias de walskoning had het in 1908 gecomponeerd. In Amerika was het niet erg populair en kreeg het ook later geen bekendheid. Vandaar dat de New York Times, mede onder druk van het publiek, dat een plechtig moment op het hellende dek van de Titanic wenste, aannam dat Bride een gezang bedoelde toen hij het over Autumn had.
Onder scheepsmuzikanten heeft er nooit twijfel bestaan over Autumn. Zij dachten altijd direct aan Songe dAutomne en ook de hofmeester van de Titanic dacht er zo over.
Ondanks alle argumenten blijft Nearer my God to Thee bij het publiek toch de grote favoriet voor het laatste nummer dat het orkest speelde. Op het grafmonument van de orkestleider Wallace Hartley in Lancashire staan dan ook de eerste noten van Nader mijn God tot U, uiteraard de Methodistische versie, want tot die Kerk behoorde hij...
back to top
|
| back to top |
4. Hulde aan de muzikanten van de Titanic
In de naweeën van het Titanic drama, waar hevig werd gediscussieerd over wie al dan niet de schuld had aan de tragedie, werden de muzikanten en hun reputatie de hemel ingeprezen. Ze werden gelauwerd met meer herdenkingen dan eender wie van de beroemdheden die omkwamen in de ramp. Ze kregen gedenktekens in New York, Boston en Liverpool en een herdenkingsconcert in de Londense Royal Albert Hall, waar de componist Edward Elgar als dirigent de leiding had over zeven orkesten en meer dan vijfhonderd uitvoerders.
De nabestaanden van de muzikanten kregen, noch van de White Star Line, noch van hun agent (W. & F.N. Black) enige financiële tegemoetkoming. De White Star Line wees er de familie op dat de muzikanten niet in hun dienst waren geweest en de Blacks schoven de familie door naar hun verzekeringsmaatschappi. Die weigerde elke vergoeding omdat de Blacks als agenten en niet als werkgevers voor de muzikanten hadden opgetreden. De Engelse rechter was ook machteloos omdat deze freelance muzikanten nergens in dienst waren. De White Star Line nam eigenlijk de musici aan boord als tweedeklas passagiers om zo de verplichte sociale bijdragen niet te hoeven betalen. Uiteindelijk was het het Titanic Relief Fund dat met particuliere giften de nabestaanden met een klein bedrag nog wat verlichting kon geven
Veertien dagen na de ramp stuurde agent Black de nabestaanden van violist Jack Hume nog wel een uniformrekening van 145,7 dollar met de vraag of die voldaan kon worden.
Dat het orkest op deze manier werd behandeld, is typisch voor de relatie werkgever/werknemer in het begin van de vorige eeuw. Musici, tenzij het beroemdheden waren, werden gewoon aanzien als bedienden, wat voor contract of overeenkomst ze ook hadden.
|
|
5. Wallace Hartley aan het woord
Om te besluiten laten we Wallace Hartley nog even aan het woord over de laatste uren aan boord van de Titanic: Onze laatste maal samen... er valt niet zoveel te zeggen over de officiële muziek die we vanavond gaan spelen. We speelden een recital na het diner, en legden er rond 11 u s avonds de blok op, waarna we ons naar onze vertrekken begaven om er een glas te drinken en een sigaretje te roken.
Ongeveer een halfuur later werden we opgeschrikt door een beving, gevolgd door een soort knarsend geluid. Krins, de grapjas, zei dat het waarschijnlijk de aardappelmachine was die nog overwerkte. een poosje later snelde één van de stewards binnen en zei dat we tegen een ijsberg waren gevaren en dat de reddingssloepen te water werden gelaten.
Ik wist wat me te doen stond. Ik ben eigenlijk altijd al klaar geweest voor zo een gebeurtenis. Ik zei tegen de anderen dat ze hun uniform opnieuw moesten aantrekken en mij moesten volgen naar het A dek. We stelden ons op in de hall en speelden daar een set. Opgewekte melodieën, niets morbiede. Ragtime zou het zeker goed doen. Er mocht vooral geen paniek uitbreken. Voor zover ik kon zien was iedereen rustig.
De passagiers, sommige in nachtgewaad, anderen nog in avondkledij waren aan het praten, grapten en rookten. De bar was open en de drankjes waren van het huis. Een groep mannen kaarten onverstoorbaar verder. De mensen deden alsof ze de muziek niet hoorden, maar ik denk dat het toch zinvol was dat we speelden, tenminste dat denk ik. Ze leken allemaal zo vrolijk.
Als het schip dieper zakte, verhuisden we naar een hoger gelegen plek, naar de grote trappenzaal toe, die met die opvallende verlichting en de impressionante koepel. Wat kan ik nog meer zeggen? Terwijl de mensen langs ons heenliepen, waren er die ons een fooi gaven, een dik pak bankbiljetten. Daar dachten we geen tweemaal over na. We deden gewoon onze job.
Uiteindelijk naar het einde toe, gingen we op het dek zelf staan, alleen ikzelf en de andere strijkers. Ik moet zeggen dat het bitter koud was en we hadden geen handschoenen. Ik zei dat we evengoed het nummer konden spelen waar we eerder die avond mee begonnen waren, namelijk het nummer 137 Songe dAutomne van onze dierbare Archibald Joyce. Onder de gegeven omstandigheden misschien een beetje droefgeestig, maar het is zo mooi, en de zee was zo kalm en de sterren schitterden aan de hemel.
Er moet veel lawaai geweest zijn rondom ons, maar dat drong niet tot me door. Eigenlijk werd ik me minder en minder bewust van mijn omgeving en van de situatie. Ik liet mezelf de trappen opklimmen en stapte in de muziek zelf, behaaglijk tussen de dekens van de harmonie, gevangen in een sappig akkoord. dan vertrokken we naar huis, en ik dacht aan mn kindertijd en de eerste maal dat ik door de muziek werd bekoord en ontroerd, hoe de muziek je kon optillen over de heuvels heen. Zover weg dat je alles vergeet, behalve de mistige werkelijkheid van trillingen en een eindeloze wervelende song, die uiteindelijk in het midden tamelijk stil is...
back to top
|
| back to top |
6. Bronnen
De Groot, E.P., Titanic, uitgeverij de Alk B.V.
Marshal, Ken, Titanic, Zirkoon/madisson press books
Artikel uit 1983, Titanic Historical Society
Archibald R. & McCauley D., Last Dinner, Hyperion/madisson press books
Millan B. & lehrer S, Titanic: Fortune & fate, The Mariners Museum, Newport News, Virginia - Simonne & Shuster
Withcomb I., Music as heard on the Fateful voyage, Mel bay
Musscchoot Dirk, De Vlamingen op de Titanic, Lannoo
Pellegrino Ch. Her name Titanic. The untold story of the sinking and finding of the unsinkable Ship, London, Robert Hale
The Titanic Collection, Mementos of the Maiden voyage. From the archives of the Titanic Historical Society
|
|
|